Princess Mathilde corsage ornament
Frankrijk, circa 1855, Theodore Fester
Goud, zilver, diamanten, H177, L152
Siegelson, New York

Broche in de vorm van een roos in het midden, met daaromheen rozenknopjes en gebladerte en diamanten in pavézetting. De naturalistische stijl kent een sterke heropleving tijdens het Tweede Keizerrijk, waarvan keizerin Eugénie van Frankrijk één van de grootste exponenten zal zijn. De roos wordt als symbool van liefde en schoonheid maar ook van lijden beschouwd. Deze broche was ooit in het bezit van prinses Mathilde Bonaparte, dochter van Jérôme, de broer van Napoleon I. De juwelencollectie van de prinses kan zich qua pracht meten met die van keizerin Eugénie zelf. Het juweel (lotnr. 65) zal in 1904 in Parijs worden verkocht op een veiling van juwelen van prinses Mathilde bij Galerie Petit. Dit magnifieke sieraad zal worden aangekocht door Cartier die het op zijn beurt in datzelfde jaar doorverkoopt aan Cornelius Vanderbilt, een prominente figuur in de New Yorkse high society.

Prinses Mathilde (1820-1904), een nicht van keizer Napoleon III, was enorm aangedaan door het ter ziele gaan van de Bonapartedynastie. Haar vader huwelijkte haar in 1840 uit aan een Russische prins, Anatole Demidov de San Donato, maar dit huwelijk maakte haar niet gelukkig. Nadat ze officieel gescheiden was, vestigde zij zich in Parijs waar ze in 1852 deelnam aan een coup die een machtsherstel van de familie Bonaparte beoogde, en derhalve  tot doel had Napoleon III opnieuw op de Franse troon te krijgen. De prins-president Napoleon III maakt het Elysée-paleis tot zijn officiële residentie en organiseert er weelderige recepties die de gloriedagen van het koninklijk hof doen herleven. In deze periode beleeft ook prinses Mathilde haar gloriedagen. Zij, die bekend staat als "Notre Dame des Beaux-Arts" en als "Second lady van Frankrijk" -keizerin Eugénie is namelijk de first lady- zal vanaf 1853 het artistieke leven beheersen, daarbij genietend van de financiële welstand die haar neef  haar garandeert en waarmee ze haar juwelencollectie kan spekken. In haar eigen herenhuis aan de rue de Courcelles en in haar kasteel in Saint-Gratien omringt zij zich met een kliekje kunstenaars en vrienden, waaronder Gustave Flaubert en Marcel Proust.
Na haar dood laat zij haar neven een schitterende juwelencollectie na, waaronder dit prachtige stuk.

Het verwerven van nieuwe rijkdom bood bepaalde families de kans om zichzelf snel te verrijken en zich de Europese levensstijl aan te meten. De families Dupont de Nemours, Gould en Vanderbilt, de immens rijke erfgenamen van deze financiële imperia, zullen zich in de Europese samenlevingen integreren en banden met de oude Europese adel smeden. In 1895 huwelijkt Alva Vanderbilt zijn dochter Consuelo in Londen uit aan de hertog van Marlborough. In datzelfde jaar trouwt Anna Gould, de rijkste erfgename van Amerika, met Boni de Castellane. Volgens de gravin van Clermont-Tonnerre was dit één van de meest 'onnatuurlijke' verbintenissen denkbaar.


 

Created by seesite

-->